Hoe DWDD het beste van tv en web samenbracht

nieuwkerkMet een ode aan het gebouw De Plantage sloot Mathijs van Nieuwkerk op 10 juni het vijfde seizoen van De Wereld Draait Door af. In die vijf seizoenen is het programma uitgegroeid tot de best bekeken talkshow in Nederland en een garantie voor een gesprek bij het koffieautomaat the day after. Hoe kan een programma, op een moeilijk tijdslot als de vooravond, kijkcijfers van gemiddeld 1,3 miljoen halen? Een van de succesfactoren is dat het programma als format, binnen de begrenzingen van het oude medium televisie, aanschurkt tegen de kenmerken van de nieuwe media.

Televisie heeft macht

Wanneer we televisie en online media tegenover elkaar zetten, zien we een aantal duidelijke tegenstellingen. Televisie komt onze woonkamer binnen als een ‘flow’, een ondeelbare, immer doorlopende stroom van informatie, waar de producent bepaalt wat je ziet, in welk tempo en in welke volgorde. De enige macht die de kijker in deze flow heeft is het zappen tussen verschillende zenders.

Internetter heeft macht

Bij het gebruik van nieuwe media heeft de consument de macht. We scannen de ‘koppen’, bekijken dat wat we leuk vinden en klikken dat wat we niet leuk vinden net zo snel weer weg. Dit doen we bovendien het liefst zoveel mogelijk door elkaar. We zijn ware multitaskers. Bij nieuwe media verandert de flow in een web van losse fragmenten en heeft de gebruiker de macht over wat hij ziet, in welk tempo en in welke volgorde.

DWDD speelt daar op in

DWDD geeft de kijker niet meer macht, maar speelt wel op een andere manier in op de kenmerken van nieuwe media. De kern van het format zit hem in zijn fragmentarisering van de informatie. Het programma is opgedeeld in allemaal losse fragmenten (interviews, muziek, Fokke & Sukke, De Jakhalzen, De TV Draait Door, Lucky TV), die weinig tot geen onderlinge binding kennen. Bovendien bakent het deze fragmenten extra af door er een luide bumper tussen te zetten.

Koppenscannen light

Door de fragmentarisering te combineren met een hoge snelheid, ontstaat er de mogelijkheid tot een soort ‘koppenscannen light’. Ook al bepaalt DWDD wat en wanneer je ziet, het format biedt ons de mogelijkheid tot het uitpikken van de fragmenten die ons aanspreken. Immers, tijdens een oninteressant fragment weet de kijker dat dit nooit heel lang gaat duren en dat er straks nog vele andere fragmenten volgen. DWDD schiet met hagel: met de vele, korte fragmenten zit er voor iedereen wel wat interessants bij. Daarnaast is het programma op die manier ook geschikt voor de multitaskende kijker. Er start immers elke zes minuten weer een nieuw fragment waar je moeiteloos in kunt stappen.

De geruststelling dat er nog vele fragmenten volgen, is een zekerheidje bij DWDD. Door de duidelijke afbakening van fragmenten, de altijd aanwezige verwijzingen van Mathijs van Nieuwkerk van wat er nog komen gaat (‘Straks!..’) en de weinig veranderende indeling van het programma, zit de structuur van het programma er bij de frequente kijker ingebakken. Wie weet er niet dat om 19.58 uur het populaire De Televisie Draait Door begint? Bovendien, alleen met deze duidelijke structuur is DWDD toch samen te vatten in drie minuten?

En dat werkt ook zo op de site van DWDD

De fragmentarisering van het programma maakt de informatie bovendien ook gebruiksvriendelijker in de toepassing ervan in nieuwe media. Doordat het programma opgedeeld is in fragmenten, kun je gemakkelijker een specifiek gedeelte van het programma delen met je vrienden, in plaats van ze de hele uitzending toe te sturen. DWDD buit dit gebruiksgemak op hun website gelukkig ook uit. Als ik wil vertellen over de prachtige ode van Tom Barman aan Martin Bril vind ik binnen een paar tellen alle optredens van Tom Barman in DWDD. Op deze manier zorgt DWDD ervoor dat niet alleen bij het koffieautomaat, maar ook online de discussie over (fragmenten van) de uitzending gevoerd kan worden. DWDD is nieuwe media-compatible.

DWDD blijft echter bovenal een programma voor het oude medium televisie en bovengenoemde zijn slechts voorzichtige toenaderingen tot de nieuwe, online media. Van meer macht aan de gebruiker, hét kenmerk van de nieuwe media, is weinig sprake. Door zijn gefragmentariseerde inhoud geeft het de gebruiker echter wel de mogelijkheid tot een lichte vorm van koppen scannen, multitasken en de fragmenten online te implementeren.

Over Marijn Lansbergen

Na een jaar als projectleider van Commissie Intree, waar hij verantwoordelijk was voor de introductieweek van 3000 nieuwe UvA-studenten, werd voor Marijn duidelijker waar zijn toekomst in zijn studie lag. In 2010 rond hij zijn bachelor Media & Cultuur af, waarna hij zal beginnen aan een master Politicologie. In de toekomst hoopt hij the best of both worlds te combineren in de journalistiek. Daarnaast is Marijn fervent twitteraar, muziekliefhebber en sportkijker en -beoefenaar.
Dit bericht is geplaatst in Journalistiek, media, Televisie met de tags , . Bookmark de permalink.